Leven

Geplaatst op 1 mei 2014 | door Geanne Schutter

0

‘Ik vertrok naar Australië zonder man en kinderen’

Misschien is er geen later, dacht Corrie van Noort nadat ze twee heftige ongelukken meemaakte. De 46-jarige Corrie doceerde op Stenden Hogeschool in Leeuwarden, maar kon door blijvend letsel haar functie niet goed meer vervullen. Ze liet huis, man en kinderen achter en maakte een reis door Australië. Daar had ze de tijd om haar leven te overzien en besloot ze een nieuwe richting in te slaan.

‘Als docente management en communicatie op Stenden Hogeschool en als moeder van een jong gezin had ik een druk leven’, vertelt Corrie. ‘In de zomer van 2005 volgde ik ter ontspanning samen met een buurvrouw lessen in rolschaatsen. Ik was al honderd keer langs het bankje op de baan geskatet, maar deze ene keer ging het goed mis. Ik raakte uit evenwicht en klapte vol in het bankje. In eerste instantie leek het mee te vallen en werd alleen een gebroken vinger geconstateerd. De whiplash en zware hersenschudding kwamen pas aan het licht toen ik niet meer kon staan en ik een week in het ziekenhuis opgenomen werd.

‘Ik had wel dood kunnen zijn’
Na verloop van tijd ben ik weer gaan werken. Afgezien van concentratieproblemen leek er niets aan de hand te zijn. Twee jaar later gebeurde er opnieuw een ongeluk. Mijn zesjarige zoon en ik stonden bovenaan de trap toen we door een ongelukkige manoeuvre uit balans raakten en in een zweefvlucht naar beneden vielen. Ik moet hem vasthouden, dacht ik op dat moment. Mijn oudere dochter zag het gebeuren en schakelde hulp in. Ik wist alleen dat ik wakker moest blijven. De minuten daarna zijn in flitsen aan me voorbij getrokken. In twee ambulances werden mijn zoon en ik naar het ziekenhuis vervoerd. Hij bleek alleen erg geschrokken te zijn, bij mij konden ze geen breuken vinden en dus werd ook ik naar huis gestuurd. Wekenlang lag ik op bed en slikte ik heel veel pijnstillers. Ik ben een hele tijd uit de running geweest maar na een aantal maanden keerde ik terug naar mijn werk.

Ongeveer een half jaar na het laatste ongeluk begon ik de ongevallen in perspectief te zien. Al die tijd werkte ik hard om het gezin draaiende te houden. Pas later werd voor mij de impact van de ongelukken duidelijk. Ik had wel dood kunnen zijn, besefte ik. Aan de buitenkant kon je niets aan mij zien, dus ik dacht zelf eerst ook dat het allemaal wel meeviel. Achteraf gezien durfde ik denk ik niet denken aan wat er had kunnen gebeuren. Die gedachte was te intens. De leidinggevende die op dat moment werkzaam was op mijn afdeling, kon niet goed omgaan met mijn klachten. Dat ik bijvoorbeeld niet met drie mensen tegelijk kon praten, of dat ik geen energie had. Ik zat er niet op mijn plek en ik voelde me ontzettend onbegrepen.

‘Misschien is er geen later’
Die leidinggevende werd vervangen door een interim-manager. Hij vroeg me hoe ik mijn opgebouwde vrije dagen wilde benutten. Ik wilde graag nog eens naar Australië, maar ik dacht: “ik doe later wel wat ik wil.” Toen ik besefte dat er misschien helemaal geen later is, hakte ik de knoop door en pakte ik mijn tas. Mijn man en ik troffen de nodige voorbereidingen, zoals opvang voor de kinderen na schooltijd. Onze dochter hebben we goed kunnen voorbereiden, onze zoon was daar wat te jong voor. Gelukkig hadden zij tijdens mijn reis genoeg afleiding door Sinterklaas, de kerstvakantie en de feestdagen.

Wekenlang reisde ik door het rode stof van de Australische outback en kwam ik niemand tegen behalve het reisgezelschap waar ik onderdeel van was. Hoewel ik mijn man en kinderen miste, ontdekte ik dat ik eigenlijk heel goed alleen kan zijn. Tijdens mijn reis realiseerde ik me ook dat ik niet langer op mijn plek zat op mijn oude afdeling. Ik voelde me afgerekend op dingen waar ik niets aan kon doen. Eigenlijk speelde ik toen al met het idee om een andere functie te zoeken.

‘Coachen voelt als een warm bad’
Toch duurde het na terugkeer uit Australië nog anderhalf jaar voordat ik binnen Stenden Hogeschool naar een andere afdeling en functie overstapte. Ik wist niet dat die switch mogelijk was, tot een collega me erop wees. Nu coach ik twaalf studenten per jaar. De aandacht voor hun persoonlijke ontwikkeling vind ik erg belangrijk. Ik wil iemand helpen om zijn doelen te bereiken. Mijn nieuwe baan als coach voelt als een warm bad.

In de tussentijd heb ik ook een eigen coachingspraktijk opgezet. Ik heb de mogelijkheid om niet alleen studenten maar ook klanten van mijn praktijk te begeleiden in hun traject om een bepaald doel te behalen. Dat kan bijvoorbeeld te maken hebben met iemands loopbaan, of met de persoonlijke ontwikkeling. Daar haal ik veel energie uit. Ik kan nu bovendien vanuit huis werken en mijn werkzaamheden beter verdelen over de week, daardoor krijg ik meer rust en heb ik minder last van concentratieproblemen.

Ik heb leren omgaan met de blijvende schade die ik heb opgelopen door de ongelukken. Ik rijd bijvoorbeeld geen lange stukken in de auto, en in een restaurant kies ik voor de tafel bij de muur. Dat lawaai om mij heen kan ik nog steeds niet goed verdragen. Maar door de flexibiliteit van mijn nieuwe functie kan ik goed met de klachten leven en probeer ik alles in een positief licht te bekijken. Ik doe nu echt iets waar ik mij ontzettend goed bij voel. Het begeleiden van iemands persoonlijke ontwikkeling, daar haal ik heel veel voldoening uit.’






Tags: , , , , , , , , , , ,


Over de auteur

Geanne Schutter (24) studeert journalistiek en blogt in haar vrije tijd graag over allerlei zaken die met beauty te maken hebben. Daarnaast dagdroomt ze veel en schrijft ze romans die ze ooit hoopt uit te geven.



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar boven ↑